Het mysterie van het reizen

Amsterdam in de regen heeft iets wonderlijks. Honderden Chinezen schuilen onder ‘I love Amsterdam’ paraplu`s, terwijl de Amsterdammers met zure gezichten zich een weg banen door de toeristenstroom richting het Centraal.

Het enige wat ons samenbrengt op deze plek, is het reizen; het is interessant om te filosoferen waar mensen heengaan. Een mevrouw met een baret gaat beslist naar Gare du Nord, dat staat buiten kijf. Ze wordt bijna omgeduwd door een jong, blond meisje. Ze snelt richting spoor 10: Almere-Centrum.Het meisje is duidelijk buiten adem wanneer zij de trein in rent. Toch kan ze nog een zitplek bemachtigen, een zeldzaamheid.am

De trein verlaat langzaam het station met een hoop lawaai van  de schurende wissels. De hoofdstad lacht ons nog even toe, totdat de lichtjes niet meer zichtbaar zijn. De middag is avond geworden, het wordt steeds moeilijker te onderscheiden op welke plek we nou werkelijk zijn. Het enige wat te zien is, is de schaduw van de passagier in de ramen. Het meisje heeft het duidelijk naar haar zin en kijkt haar spiegelbeeld lachend aan. Het vervelende plukje haar borstelt ze even weg, terwijl ze aandachtig luistert naar het gewauwel van de conducteur. ‘’Hetttt volgenduhhh staaaaationnnn issss Almeeeeeeeere Centruuuuuummmnnn.”

Het is het eindpunt, maar niet voor haar. Ze stapt over op de trein in de richting van Zwolle, die zojuist aan komt rijden. Dat het meisje niet de enige is, blijkt uit het overvolle perron. Langzaam drukken de mensen elkaar de veel te kleine intercity in. Het meisje heeft beslist geen zin om te gaan staan en besluit neer te ploffen op een krakkemikkig klapstoeltje in de hal. Nog even een selfie voor mama, of toch voor haar vriendje? We zullen er nooit achter komen, net als haar bestemming blijft alles een mysterie. Het mysterie van het reizen, elke dag weer. Het mysterie wat ons als mens verbindt.

 

Vallen en opstaan – kerstblog

Met een glimlach loop ik het Kamper treintje uit. De frisse IJsselwind streelt mijn gezicht. Het is weekend en dat is best fijn. Thuiskomen is nooit een straf geweest. Waar ik ook mocht zijn, ik hoopte altijd weer snel de torens van Kampen te verwelkomen. Het heeft iets vertrouwds, hoewel Amsterdam een beetje mijn tweede thuis zonder huis is, kan geen enkele plek tippen aan de rust en de warmte van Kampen.

In de stad zijn ze druk bezig met de voorbereidingen van het jaarlijks terugkerende evenement ‘Kerst in Oud Kampen’.  Natuurlijk ga ik morgen ook even kijken, het is immers een traditie.img_20161007_223321

Ik groet een klasgenoot van vroeger, ook zij lijkt niet veel veranderd. Ik herinner me nog een kerstvoorstelling in groep 6 van de basisschool. Onze klas was dat jaar aan de beurt en ik speelde ‘kind 2’, een pittig moeilijke rol. Omdat ik mijn tekst niet kon onthouden, moest ik helaas terugvallen op een memootje in mijn handen. ‘’Het is niet erg Vincent, niemand heeft het gemerkt’’ zei de juf, maar ik wist wel beter.

Geert

Mijn telefoon heeft kuren en slaat spontaan de gitaarsolo van ‘Comfortably Numb’ van Pink Floyd over. Ik vloek en moet noodgedwongen luisteren naar ‘Winter Wonderland’ vertolkt door Selena Gomez and the Scene, hoe is dit godsnaam op mijn telefoon terecht gekomen? Ik geef het op en loop nog even langs mijn grote vriend Geert Bloupot van platenzaak Blue Music. In 2009 kocht ik hier voor het eerst een cd ‘Een zomer aan het eind van de twintigste eeuw’ van de Frank Boeijen Groep. Volgens Geert mocht deze cd in geen enkele platenverzameling ontbreken. Sindsdien is Blue Music meerdere keren teruggekeerd in mijn leven. In 2012 werd hier mijn eerste dichtbundel ‘Woorden wonen in huizen’ gepresenteerd, volgend jaar alweer vijf jaar geleden. Of er nog een feestje komt? Misschien wel, maar dat is toekomstmuziek.  We drinken zoals gewoonlijk koffie en lullen over de laatste plaat van de Stones en de jaarlijstjes. Natuurlijk moet Bowie op 1, dat staat buiten kijf.

Ik loop het steegje door en ben alweer bijna thuis. De verkeerde sleutel past niet in het slot, dat is logisch, toch blijf ik het fout doen, tja tradities. Thuis zet ik de lampjes van mijn dertig centimeter hoge kerstboom  aan. Met de piek meegerekend is de kerstboom zelfs  vijftig centimeter, ik ben heel bescheiden.

Terugblik

Met een biertje ga ik op de bank zitten en scroll langs allerlei jaarfilmpjes op Facebook. Ja, lieve vrienden jullie hebben een mooi jaar gehad. Sommigen zijn getrouwd, hebben kinderen gekregen40ed74bcc96c7091b652fa3ea1c2a5ce_gallery. Anderen hebben een relatie op moeten geven of  een dierbare verloren. Natuurlijk was 2016 ook een jaar van vallen en opstaan, maar dat is eigenlijk toch ieder jaar het geval?  Soms moet je even in put zitten met een doos tissues en een vette kop warme chocolademelk. Je mag best af en toe brullen om iets wat shit gaat. That`s life! Als je niet weet wat de dieptepunten zijn,  kun je ook geen hoogtepunten ervaren. Stel dat alles maar geweldig en goed gaat, dan zou het leven toch een stuk saaier zijn. Dit jaar ben ik verhuisd, gestart met een nieuwe opleiding én gestopt met roken. Drie dingen waar ik best wel blij mee ben. En natuurlijk mag ik de release van mijn vierde dichtbundel ‘Dromers en dwazen’ niet vergeten.

Lieve mensen, geniet van alle dingen die mooi waren in 2016, leer van de dieptepunten en kijk met een frisse blik naar alles wat voor jullie ligt. Geniet van de mooie warme dagen, drink een wijntje met je vrienden, maak grappen met je oma en eet een oliebol met de buurman.

Ik wens jullie mooie, warme dagen en veel geluk en liefde in 2017!

Liefs,

Vincent Corjanus

Dansen in de regen

Terwijl ik glazig naar een doos tissues kijk en op een Fisherman’s Friend zuig, moet ik het toch toegeven, ik ben weer eens ziek. Wanneer ik mijn Whatsapp lees, besef ik dat ik niet de enige ben. Een gevoel van saamhorigheid bekruipt mij. Half Nederland zit nu thuis met een multi-pack zakdoekjes en tien strips Fisherman’s Friends. Gezellig.

Ik gooi mijn telefoon in een hoek en strompel naar mijn bankstel. Mezelf voortbewegen blijkt moeilijker dan verwacht. Vermoeid plof ik neer terwijl ik een slok van mijn inmiddels koude koffie neem. Productiviteit is ver te zoeken, toch besluit ik mijn laptop te pakken om een blogje te schrijven.

Toen ik nog een klein Vincentje was, vond ik ziek zijn niet eens zo erg. Ik bleef lekker liggen in mijn hoogslaper, terwijl mijn moeder een beschuitje aardbeienjam bracht. Op de achtergrond draaide een Kinderen voor Kinderen cd uit de jaren negentig. Man, wat heb ik Kinderen voor Kinderen grijsgedraaid. Geweldige teksten van onder andere Henk Westbroek en Harrie Jekkers. kindvin‘’In de wereld van je dromen speel je zelf de grootste rol’’, ik vond het geweldig. En het was ook zo, als kind kon je heerlijk wegdromen. Ik dacht na over hoe alles later zou zijn. Natuurlijk werd ik een vuurtorenwachter, het liefst op Texel.  En mocht het niet lukken, kon ik altijd nog een boek gaan schrijven over de fantastische avonturen die ik beleefde.

Nu ben ik 21 jaar en kijk ik vermoeid naar buiten, de mensen rennen door de regen. Een klein jochie van een jaar of 6, blond haar blauwe ogen, doet zijn capuchon af en kijkt lachend naar boven. Hij begint te zingen en te dansen, midden op straat, in de regen. Waren wij maar allemaal net zo wijs als kinderen, het zou het leven een stuk lichter maken. Laten we dansen in de regen en samen de kinderen zijn van de toekomst uit het verleden.

“Zo ver mogelijk van huis, daar voel ik me goed”

Met een glimlach strompel ik de vergane marmeren trap af. Het is zaterdagmorgen, een uur of tien. Ik ben niet het type dat een gat in de dag slaapt: daarvoor is het buiten te mooi weer en is deze stad te mooi. Wanneer ik om me heen kijk, zie ik dat mijn vrienden nog liggen te slapen. Het is een aandoenlijk gezicht en ik besluit ze maar te laten.

Het was een uur of vijf toen wij de lichten doofden. Het was een mooie nacht waarin de sterren onze vrienden waren. Een hotel kun je het niet eens noemen, eerder een hostel. Gammele stapelbedden, wc’s en douches op de gang. Het maakt niet uit, je komt hier immers om te slapen, toch? In de lobby check ik mijn Facebook even. Veel berichten over hoe het met me gaat, of ik niet iets mis en wel goed eet. Ik scrol, lees en reageer op een foto van mijn broertje. Het heeft toch wel iets melancholisch dat alles ineens zo ver weg is. Misschien is het ook wel even goed.

Lichtelijk brak

Ik krijg dorst en bestel een flesje water voor 70 Forinten bij de receptie. De vrouw vraagt of ik goed geslapen heb. “Ach, het gaat wel.” Ik vertel er niet bij dat de bedden alles behalve comfortabel zijn. Nederlanders staan bekend om hun gezeik. Ik ben zelf ook zo’n type dat overal over klaagt. Mijn voornemen tijdens deze reis is om een positiever beeld van het Nederlandse volk neer te zetten. Je begint immers bij jezelf. Er is sowieso geen reden tot zeuren: dit hostel kost immers bijna niets. Wanneer ik weer rustig in de lobby ga zitten, komt een van mijn vrienden binnenlopen: “Het was weer een mooie avond, Vin.”

Ja, dat was het zeker. Ik kijk hem lachend aan, nog lichtelijk brak van afgelopen nacht. Het maakt niet uit, de zon gaat me helpen. Met die gedachte in mijn achterhoofd verlaat ik het hostel en loop de straten van deze wereldstad in. Een hostel midden in het centrum heeft zo zijn voordelen. Het is warm, een graad of 40. Ik besluit mijn zonnebril op te zetten en mijn zonnebrand uit de tas te halen. Ik ben blond, redelijk bleek en snel rood. Ik heb geen zin om vanavond als een kreeft tussen mijn vrienden te zitten. Goed insmeren dus. Ondertussen pak ik mijn oortjes en draai ‘Zo ver’ van Frank Boeijen. “Zo ver mogelijk van huis, daar voel ik me goed.” Frank heeft gelijk, het is echt zo. Wanneer je ver van huis bent, kom je werkelijk tot rust. Ook ga je nadenken. Je gaat als het ware met een helicopterview naar je leven tot nu toe kijken. Wat is er gebeurd de afgelopen jaren, hoe ben ik hier in godsnaam terecht gekomen?

Hanzestad Kampen

Het was tegen de zomer van 2013 toen ik als een idioot aan het zoeken was naar een opleiding. Ik had in Zwolle de opleiding verkoopspecialist versneld afgerond en wilde iets anders gaan doen, het liefst met mijn grote passie schrijven. Ik had net mijn tweede dichtbundel ‘De zichtbare ziel’ uitgebracht en was vooral zoekende. Ik kende mezelf nog niet zo goed, wist niet wat ik wilde met mijn leven en zag mijn toekomst als een grote mistbank.

Na een open dag van de MHBO-academie in Utrecht was ik meteen verkocht. Journalistiek en Communicatie, dat leek mij wel wat. Na een rustige zomervakantie ging het daadwerkelijk gebeuren. Het reizen was wennen; ik woon immers in de mooie Hanzestad Kampen. Mocht je Kampen niet kennen: het is een heel eind weg. Tijdens het eerste jaar leerde ik veel nieuwe mensen kennen. Ik raakte bevriend met Grady, Hidde en Tim. We waren nog onwetend over wat er de toekomst zou gaan gebeuren. De toekomst had iets voor ons in petto, dat wisten we wel. Tijdens de vele avonden bij een van ons thuis leerden we elkaar goed kennen. We zijn vier totaal verschillende mensen, maar van binnen lijken we toch veel op elkaar. Het schiep een band, een band die steeds sterker werd.

Wat is er gebeurd de afgelopen jaren, hoe ben ik hier in godsnaam terecht gekomen?

Vrienden

En nu sta ik hier aan de rivier mijn laatste pakje sigaretten uit Polen weg te roken. Samen met Grady, Hidde en Tim kwamen we gisteren aan in deze bijzondere stad. Het is voor het eerst dat we samen zo ver van huis zijn gegaan. Wonderlijk hoe sommige dingen kunnen lopen. Mij bekruipt een gevoel van dankbaarheid. Dankbaarheid dat ik al deze wonderschone dingen mag ervaren en dankbaarheid dat ik hier met mijn goede vrienden ben. Vrienden die voor je klaar staan wanneer het minder gaat. Vrienden die samen met je lachen, drinken en natuurlijk ook serieus zijn wanneer dat nodig is.

Het feit dat ik hier nu ben, begon als een grap van een goede vriendin van mij. Ze vertelde iets over een Interrail-reis. Een treinticket dat twee weken geldig is in bijna heel Europa. Lachend legde ik het de jongens voor. “Nou Vincent, dat is nog niet eens zo’n slecht idee.”

Nog geen half jaar later ging het daadwerkelijk gebeuren. Via Praag, Warschau en Krakau zijn we nu hier. Mijn god, wat is het hier mooi zeg! De oude gebouwen, de mensen, de sfeer, het eten. Alles is nog mooier dan op de foto`s in mijn grote koffietafelboek ‘Reizen in Europa’.

Genieten

Ik zet wat zinnen op papier. Misschien een nieuw gedicht? Dat zie ik wel wanneer ik thuis ben. Lachend wijst een local mij de weg terug naar het hostel. Normaal gesproken heb ik een plattegrond bij me, zoals een echte toerist. Helaas zat de plattegrond van de stad in mijn reisgids, die nog ergens in een koffer moet liggen.

De avond begint met ‘uit eten’ bij  een soort pub. Het eten is warm, maar daar houdt het ook mee op. Gelukkig smaakt het bier ons zeer goed. Ach, de bodem voor een nieuwe nacht is gelegd. Samen met een stel Zweden, die boven in het hostel zitten, gaan we richting het beroemde plein. Ik ben even de naam van het plein kwijt, maar het is erg bekend. Jongeren uit de hele wereld komen er samen om te drinken, te filosoferen en muziek te maken. De sfeer is er ongedwongen, zelden agressief. En wij als Nederlanders verwonderen ons om dit speciale samenzijn. We trekken onze blikjes bier open en proosten op onze vriendschap en de toekomst. Hoe die eruit ziet? Dat zien we vanzelf wel. Laat ons voor nu even genieten van deze stad uit duizend en een nachten. Laat ons genieten, hier in het prachtige Boedapest.

©Vincent Corjanus

 

Herfst, tijd om je creatief eens flink uit te sloven

Het is herfst, de zomer is voorbij. Het duurde even voordat het tot mij doordrong. Het besef kwam eigenlijk pas toen ik de plaat Oktober van Bløf op had staan en ik de was van het balkon haalde. Ik ging er vanuit dat het droog was, helaas had het net een paar uur geregend, alles was drijfnat. Daar sta je dan je  vrolijke hippie T-shirts uit te wringen met je Scapino-slippers op een half onder water gelopen balkon. Zie je het al voor je?

Het is oktober, oktober! Over tweeënhalve maand is het kerst en oud en nieuw, dan staan we elkaar af te lebberen omdat het alweer 2017 is. Ik loop nu te hard van stapel, ik weet het. Ik had altijd een soort van haat tegenover de herfst. Veel regen, wind en bladeren waarover je uitglijdt. Geloof me dat laatste kan echt gebeuren, ik heb er nog trauma`s van.

Als dichter zijnde schrijf ik veel tijdens de herfst. De herfst maakt je melancholisch en dat geeft veel nieuwe inspiratie. Kijk bijvoorbeeld eens naar de bladeren die van de bomen vallen, je kan er veel metaforen uithalen. Veel van mijn gedichten uit mijn derde bundel ‘Sporen van de zon’ zijn geschreven in de herfst en ook nu ben ik weer druk bezig met schrijven. Dus lieve mensen, pak je pen, je kwast, je gitaar, je blokfluit of je IKEA-potloodje en leef je uit!

Om de herfst nog wat aangenamer te maken heb ik een aantal herfstplaten en een aantal literatuurtips voor jullie op een rijtje gezet, zo kom je de herfst zeker door en wie weet levert het nieuwe inspiratie op!

Muziek:

Boeijen, Hofstede en Vrienten – ‘Aardige Jongens’

Drie grootheden uit de Nederlandse popgeschiedenis gingen in 2008 samen op tournee en brachten een plaat uit. Die resulteerde in ‘Aardige Jongens’. Dit album is zeer geschikt om te draaien tijdens een gure herfstavond, dit komt mede door de mooie melodieën, sterke teksten en de warme stemmen van deze popiconen.

Marillion – ‘Fuck Everyone and Run’

Onlangs is deze plaat verschenen, het nieuwste album van de Britten is deze week binnen gekomen op plaats zes in de album top 100. Dit is muziek, zoals muziek moet zijn. Groots, rockend met treffende teksten. Voor iedere muziekliefhebber een must. Ze kregen overigens 5 sterren in The Guardian!

Beth Gibbons & Rustin Man – Ouf of Season

De zangeres van Portishead maakte in 2002 deze plaat samen met Paul Webb van Talk Talk. Haar stem leent zich uitstekend voor de rustieke nummers op deze cd. Neem er een wijntje bij en geniet!

Literatuur:

Simon Vestdijk – Terug tot Ina Daman

Dit is een meesterwerk uit de Nederlandse literatuur.  Anton de Wachter worstelt met zijn middelbare schooltijd en wordt daarnaast verliefd op Ina Daman. Vestdijk weet de gevoelens van Anton zo goed op papier te krijgen dat je volledig meeleeft met de hoofdpersoon.

Patrick Modiano – ‘Dans le Café de la Jeunesse Perdue’

In het Nederlands ook wel bekend als ‘Het café van de verloren jeugd’. Een sfeervolle, korte roman  vanuit verschillende perspectieven geschreven. Veel melancholie, met als bindende factor het nachtcafé in Parijs.

Harry Mulisch – ‘De ontdekking van de hemel’

Moet ik hier nog wat over zeggen? Dit moet iedereen gelezen hebben. Eén van de mooiste boeken die ik ooit gelezen heb.

 

‘’Meneer, ik zet u even in de wacht, zodat u kunt luisteren naar smakeloze grafherrie’’

Terwijl ik nog een hap neem van mijn crappy maaltijdsalade, sta ik opnieuw in de wacht bij KPN. Frustrerend, ja dat zeker. Het feit dat men dit culinaire ‘hoogstandje’, een salade durft te noemen, maakt het er niet beter op. Gelukkig is er nog lauw bier. Ik ben deze maand  begonnen met mijn studie journalistiek in Zwolle en woon sinds kort op mezelf. Eindelijk kan ik genieten van hèt studentenleven, the whole package. Het klinkt als een toffe vakantie die je geboekt hebt, helaas blijken er vaak bij aankomst een aantal zaken niet te kloppen.

 Voorheen zat ik op een MHBO opleiding in Utrecht, ik hoor je denken MHBO? Het was een MBO opleiding met een aantal HBO vakken. In mijn klas leerde ik Tim kennen, we raakten bevriend. In ons laatste jaar besloot Tim dat hij Rechten ging studeren in Zwolle, ik zou verdergaan in de Journalistiek. Omdat ik in Kampen woonde was het voor mij logisch om in Zwolle te gaan studeren. Hij wilde op kamers, ik wilde graag het huis uit. Niet omdat ik het slecht had bij mijn ouders hoor, ik ben gek op ze! Echt! Maar toen ik in april 21 jaar werd, kwam het besef van het ‘volwassen’ worden. Ik wilde- cliché gezegd: mijn vleugels uitslaan. Zwolle was de eerste optie, maar eigenlijk ging ik liever in het vertrouwde Kampen wonen. Deze stad is niet te groot of te druk en heeft alles wat een mens nodig denkt te hebben. Ook Tim ging overstag, het werd Kampen.

Samenwonen

Tim en ik gingen dus samenwonen, maar dan wel als goede vrienden. Ik heb het verscheidende keren moeten uitleggen, iemand WhatsAppte mij zelfs: ‘’ Twee jongens die gaan samenwonen in Kampen, mag dat wel?’’ Het komische is dat de Gaykroeg van Kampen hier niet heel ver vandaan is. Ik ben er nog niet geweest, heb er ook niets tegen, maar ik hoef er niet heen. In ieder geval hadden we een mooi appartementje gescoord in het centrum van Kampen! Heel fijn. In juni waren we binnen een dag verhuisd, het ging simpel, misschien wel te simpel…

Het bedrijf dat zich te vrij voelt

Internet, voor jongeren toch wel een must have. Helaas waren er wat problemen met de internetaansluiting. Daardoor had zowel Tele2 als Fiber, na vele telefoontjes, ons contract geannuleerd. De wachtlijnmuziekjes van Tele2 en Fiber zijn trouwens best te doen als je ze vergelijkt met het bedrijf die er de grootste puinzooi van maakte. KPN! Je weet wel die hele grote, groene, organisatie uit Den Haag.  We zaten onderhand in juli en hadden nog steeds geen internet. KPN,  daar waren de meesten mensen wel blij mee, dus wij hopelijk ook. Terwijl ik dit schrijf verschijnt er geen lach op mijn gezicht, eerder vallen er tranen op het toetsenbord van mijn laptop. Ze konden geen internet leveren, maar het zou volgens de KPN-mevrouw allemaal goed komen. Tot twee keer toe is ons contract geannuleerd. Klote, ja dat zeker en dan druk ik mij nog heel zachtjes uit. We zouden internet krijgen begin augustus, dat werd later eind augustus en nog weer wat later 5 september.  In de tussentijd is het internet van de onderbuurvrouw ook nog eens afgesloten, want KPN had het internet op het verkeerde adres aangevraagd, waardoor Telfort, de provider van de buurvrouw  de stekker eruit trok. Niet echt lief. De relatie met de onderbuurvrouw werd dus behoorlijk op de proef gesteld. Gelukkig is onze buurvrouw erg aardig en begreep ze dat KPN stom doet, niet haar lieve, aardige bovenburen.

Deze blog wordt mede mogelijk gemaakt door KPN telecom

Toen ik op 5 september het modem van KPN wilde aansluiten voor het internet, gebeurde er zoals verwacht weer niks. Na een slordige drie kwartier bellen met een KPN-meneer uit Tilburg (bijna niet te verstaan), vertelde hij mij dat ik op 8 september gegarandeerd internet zou hebben. Ik had er weinig vertrouwen in, maar gaf KPN nog een kans, want zo ben ik dan ook wel weer. Helaas, ook op 8 september hadden wij geen internet van KPN. De buurvrouw, die dezelfde dag internet van Telfort zou krijgen, zat met hetzelfde probleem. Terwijl zij verhit aan het bellen was met Telfort, belde ik  opnieuw met KPN. Dit keer een meneer die er op kickte om mensen zo vaak mogelijk in de wacht te zetten. Ieder zijn hobby natuurlijk. Ik weet niet wat voor wachtlijnmuziek KPN gebruikt, het is in ieder geval een marteling voor je gehoor.

Er is dus een probleem met de kabels van ons en de buurvrouw, maar het antwoord bleef vaag. Nu komen er deze week twee monteurs langs, eentje voor ons van KPN en eentje van Telfort voor de  buurvrouw, gezellig samen klussen in de meterkast, op jacht naar een internetverbinding. Ik heb aan de telefoon gedreigd dat ik een blog zou gaan schrijven, toen boden ze mij uiteindelijk een noodpakket aan met tijdelijke Wifi . Dankzij  het noodpakket kan ik nu deze blog plaatsen, daarvoor mijn grote dank aan KPN.

Wordt vervolgd…

 

 

De dromer en de dwaas

Het ontstaan van een dichtbundel

Schrijven is voor mij ontzettend belangrijk, het is een uitlaatklep, iets waar ik op kan terugvallen. Ik kan niet dichten op commando, als ik dat wel doe wordt het geforceerd. Ik noem het inspiratie. Wanneer ik dat heb, vallen de woorden vanzelf op het papier. Het is prettig om dingen van je af te schrijven, soms werkt het helend,  zorgt het voor nieuwe inzichten, maar meestal geeft het gewoon een lekker gevoel, zelfs wanneer het gedicht compleet mislukt is, niet alles hoeft immers gepubliceerd te worden toch?

Creatief doodgebloed

Toen in september 2015 ‘Sporen van de zon’ uitkwam, was ik creatief doodgebloed. Dat heb je soms. Ik besloot dat ik voorlopig niks meer ging publiceren. Echter gebeurden er veel dingen in het Westen. Ik moest erover schrijven, de woorden stroomden uit mijn pen. Maar ook schreef ik over politieke dilemma`s en over de angstzaaierij in de media.

Samen met Roberto Kist, een hele goede vriend en zielsverwant, waren we onderweg met de trein naar Antwerpen. We zagen daar de heftige beveiliging op het station, overal stonden zwaar bewapende mannen met Kalasjnikovs. Ik denk dat het averechts werkt, het geeft juist géén gevoel van veiligheid. Angst is misschien  veel gevaarlijker dan de aanslagen. Ik moest daarover schrijven, eigenlijk ontstond tijdens die treinrit door Vlaanderen het idee van ‘Dromers en dwazen’. De dromer en de dwaas zijn hele goede vrienden, maar soms kunnen ze ook heftig in gevecht zijn. Het zijn twee uitersten die min of meer niet zonder elkaar kunnen.

Idealen

Stel je voor, je hebt idealen, je wilt ze verwezenlijken, maar dat lukt niet omdat je er niet voor vecht. Dat maakt een dromer dan weer een dwaas. Ik wist van tevoren eigenlijk al dat ik er twee delen van wilde maken, in dromers, de positieve gedichten en natuurlijk ook liefdesgedichten. In dwazen, de maatschappijkritische werken en gedichten over pijn en afscheid. Het gaat over belangrijke beslissingen die ik heb moeten nemen, soms moet je daardoor afscheid nemen van mensen omdat ze je creativiteit willen beïnvloeden. Toen ik dat eenmaal gedaan had kwamen er weer gedichten, sterker nog, ik had nog nooit zoveel inspiratie gehad.

Een nieuwe dichtbundel

Ik stond in de platenzaak Blue Music van Geert Bloupot in Kampen. We hadden het over de dood van Bowie en de nieuwe plaat van Frank Boeijen. Edwin Brugman van het Full Color Festival liep de zaak binnen. Hij vroeg of ik wilde optreden op het festival. Ik vertelde dat ik met een nieuwe bundel bezig was en dat als ik goed doorwerk het afkomt voor 18 juni, zodat ‘Dromers en dwazen’ op het festival gepresenteerd kan worden. Het werd krap, maar dankzij de hulp van mijn goede vrienden Silvia van Hout en Boudewijn Berends, die de cover voor zijn rekening nam, was het allemaal gelukt.

Mensen om mij heen zeiden tegen mij ”Nog een dichtbundel? Zou je dat nou wel doen?”. Het antwoord is ja. Sommige dingen moeten er gewoon uit, dat was met ‘Dromers en dwazen’ ook het geval. Ik ben blij dat het eruit is, zo ga je weer verder en kun je een hoofdstuk afsluiten. Ik denk dat deze bundel een soort van drempel was waar ik op stond. Ik kon teruggaan, maar ook verdergaan en mijn jeugd achter mij laten. Dat was verwarrend, later verhelderend. En de toekomst? Ach, dat zien we verder wel. Ik kijk uit naar nieuwe creatieve samenwerkingen, misschien een nieuwe bundel, iets met muziek of totaal iets anders, dat maakt niet uit. Ik ben dankbaar dat ik dit allemaal heb mogen doen. Ik had dit niet kunnen dromen en als ik dat wel had gedaan, was ik misschien meer dwaas dan dromer geweest

Vincent Corjanus juni 2016

‘Dromers en dwazen’ bestellen? 

VincentCorjanus_D&D_Incl_titel.jpg

Ga toch lekker lezen, mens!

Station Kampen-Zuid, kwart over zeven in de morgen. De eerste stralen van de zon strelen mijn gezicht.
Alhoewel ik me net bedenk dat aanvallen een beter woord is. Geïrriteerd zoek ik mijn zonnebril. Zo’n zwarte van plastic. Ik ben een fanatiek zonnebrillensloper, daarom kies ik voor plastic.

Goedgemutst stap ik in de vertraagde trein en zie dat het alweer zo druk is.  Zitplaatsen zijn ‘s ochtend zeldzaam, toch weet ik er één te bemachtigen.
Amsterdam-Centraal, het lijkt nog ver weg wanneer ik door het polderlandschap cross.
Om de tijd te doden pak ik een boek van Bernlef uit mijn tas. ‘Hersenschimmen’.
De mevrouw voor me kijkt me fronsend aan, ik schat haar zo een jaar of tachtig.
Ja mevrouw, sommige jongeren lezen nog wel in de trein. En deze jongen leest literatuur.
Misschien heb ik haar leeftijd toch verkeerd geschat. In ieder geval pakt ze haar mobiele telefoon. Een old school onverwoestbare Nokia uit 2000. Toch moet ik toegeven dat ook zij best ‘modern’ is.
Ik zie mijn eigen oma nog niet lopen met mobiele telefoon.
Verderop zie ik gelukkig ook nog een man lezen. Helaas een E-Reader.
Een E-Reader, u weet wel. Zo’n elektronisch tablet met boeken erop. Waarschijnlijk allemaal illegaal gedownload.
Meneer, er gaat toch niets boven de geur van een tastbaar boek! Ik mag dan wel van de ‘nieuwe, moderne’ generatie zijn, zo’n E-Reader gaat mij zelfs te ver!
Mevrouw, meneer kijk om jullie heen in deze fucking overvolle trein! Overal smartphones, laptops en tablets.
Koop een boek! En ga lekker lezen tijdens het reizen!
Wie weet overkomt dan ook jou dat geluksgevoel van “Hee, dat boek heb ik ook gelezen!,” terwijl die aantrekkelijke treinreiziger tegenover jou je diep in de ogen kijkt…

cropped-img_8066.jpg

Amsterdam, jij wordt nooit saai

Die trouweloos van aard als ik is
Eens Amsterdam verried
Hij vindt geen rust
Aleer zijn schuld
Gedelgd is met een lied
En waar hij zwerft
En wat hij zoekt
Vindt hij ter wereld niet
Voordat hij weer de duiven
Rond de Westertoren ziet.’

Jan Campert – Amsterdamsch Lied 1951

Ik luister naar Een Lichte Vrouw van Herman van Veen uit 1984. Van Veen citeert Jan Campert met een frase uit ‘Een Amsterdamsch Lied.` Dat het slechts een stukje uit het gedicht is, wist ik niet.
Een  gevoel van  melancholie bekruipt me wanneer ik Een Lichte Vrouw opzet. Zowel muzikaal als tekstueel is het een waar pareltje.
Wanneer de laatste klanken van het lied wegsterven, denk ik terug aan al die keren dat ik op Amsterdamse bodem verkeerde.
Ik zal een jaar of vier geweest zijn toen ik met mijn ouders voor het eerst naar Amsterdam ging. Of ik mij dat nog herinner? Vage flitsen, de regen in de straten, een teddybeer bij het vertrek van een vertraagde intercity.
Misschien is daar wel mijn haat-liefdeverhouding ontstaan voor de Nederlandse Spoorwegen. Toch moet ik toegeven dat ik zonder de trein nergens kom, ook niet in Amsterdam.

Man, man wat ben ik altijd weer blij wanneer de trein het Centraal in rijdt. Welcome back!
Amsterdam doet iets met je. De stad leeft, misschien is dat ook wel wat mij zo aanspreekt. Het is er anders. Hier kun je heerlijk ongestraft mensen kijken, inspiratie opdoen en volledig uit je plaat gaan.
Amsterdam, jij wordt nooit saai. Telkens ontdek je er weer nieuwe dingen.
Maar keer op keer komt het moment dat de laatste trein vertrekt…

‘Straks ben ik niet in deze stad
Maar denk er toch weer aan terug
Dan denk ik hoe ik zomaar
Haring at op een ronde brug.’

Herman van Veen – Een Lichte Vrouw 1984

Een reis van kaft tot kaft

‘’Bij ons vandaag in de uitzending Frank Boeijen!’’ Als twaalfjarig jochie keek ik met verlekkerende ogen naar een afschuwelijk RTL4-programma. De naam ervan moet mij ergens ontgaan zijn.

Schilderijtjes

Wat ik mij nog herinner is dat mijn grote idool Frank Boeijen zijn nieuwe project 36,9 graden presenteerde. 36,9 Graden (Uw weet wel, de normale lichaamstemperatuur) is een multimediaal project dat bestaat uit een rijk geïllustreerd boek met de teksten van Boeijen als rode draad. De teksten of eerder gedichten zou je kunnen zien als stuk voor stuk schilderijtjes. Deze worden omlijst door de abstracte kunstwerken van Eric de Bruijn.

Voor een puber niet echt interessant zou je denken. Volgens mijn leeftijdsgenootjes was Frank BoeiEND sowieso saai en duf. ‘’Vincent, luister nou eens naar de Top 40, man!’’ Ik vond dat ik zelf wel mocht bepalen naar wat voor muziek ik luister. Ik hield van zijn stem, van zijn muziek en pas later kwamen daar ook zijn teksten bij.

Frank zong tijdens de uitzending van het tv-programma een klein deel van het in totaal 79 minuten durende lied. Prachtig vond ik het, maar waar gaat het eigenlijk over? ‘’Mam!?’’ – ‘’Daar ben jij nog veel te jong voor Vincent. En daar komt bij dat het boek veel te duur is’’ Mokkend  ging ik naar mijn kamertje toe.

Frank Boeijen en Vincent Corjanus

Daar is-ie dan

Enkele jaren later ploft er een dik pakket op de deurmat. Eindelijk! Daar is-ie dan! Rustig bekeek ik dat prachtige boek van de televisie.  En jawel, daar achterin zit de cd Fim du Mundo vastgeklemd. De eerste klanken vallen uit mijn speakers, terwijl de o-zo vertrouwde hese stem zingt:

 ‘Nu Je Vaarwel hebt gezegd

Nu je vaarwel hebt gezegd
En meer van dat
Voor wie rest de stilte

 Het is zoals altijd


Geen omhelzing geen gebaar
Maar een vluchtig afscheid
Zoals altijd van elkaar

Alles wat Ik niet ben
Alles wat ik niet ben
Zou ik ook niet willen zijn’

Frank, begeleid door piano vertolkt de teksten van het boek. Geconcentreerd lees ik alles mee.  Fim du Mundo schijnt het langste lied uit de Nederlandse popmuziek te zijn, verveelt dat niet? Het antwoord is nee. De woorden, de kunst en de zang zijn alles behalve saai. Je maakt als het ware een reis van kaft tot kaft.

Het is niet iets wat je vaak moet beluisteren, tenzij je regelmatig overvallen wordt door melancholische vlagen. Dan is dit een boek bij uitstek voor jou!

Frank Boeijen heeft eerder al bewezen een begenadigd tekstschrijver te zijn, met 36,9 graden mag Boeijen zich met recht een dichter noemen.